Tussenkopjes? Tussenkopjes? We don’t need no stinking tussenkopjes (señor)! Dat is de discussie die ik minimaal eens per week heb. En vervang ‘tussenkopjes’ door ‘dik gedrukte intro’ of ‘witregels na elke alinea’ of ‘opsommingen met bullets’ en je hebt nog meer discussies te pakken waar ik een deel van mijn tijd in investeer.

De emoties rondom tussenkopjes en meer van dat spul lopen soms hoog op. En voor een deel van de bloggers blijft het een issue. En dat snap ik best.

Ik ben een blogger ja!

Toen ik ergens rond 2000 startte met bloggen, deed ik er ook niet aan. Ik schreef mijn blogs en dacht – behalve over de inhoud – eigenlijk verder niet zo na over de vorm. Wel over mooie zinnen, niet over de gebruiker/lezer van mijn teksten. Ik was ook geen schrijver, ik was een blogger weet je wel. Ik deed leuke, interessante of irritante stukjes, waarop anderen dan moesten reageren (nadat ik op hun leuke, interessante of irritante stukjes had gereageerd uiteraard).

Handige schrijftips

Pas toen ik journalistiek ging studeren leerde ik wat handigheidjes. Over het schrijven van nieuwsberichten en de 5 W’s en 1 H (wie, wat, waar, waarom, wanneer en hoe) en over schrijven in de omgekeerde piramide en de ‘oprolbaarheid’ van teksten (start met het belangrijkste en zorg dat de lezer in het eerste deel van de tekst de essentie al ontdekt). Goed om te weten, belangrijk om te onthouden.

Schrijven doe je ook voor hen

Maar pas toen ik die journalistieke zaken ging combineren met wat ik al wist over het web en websites, werd het me echt duidelijk: schrijven doe je voor jezelf én je lezer. Voor jezelf omdat je iets wilt vertellen, delen, uitleggen (of gewoon je ego wilt strelen), voor de ander omdat je al die zaken die ik hiervoor noemde pas bereikt wanneer iemand je tekst ook consumeert. Ik heb het dan natuurlijk over teksten die bedoeld zijn om gelezen te worden door anderen en niet over teksten die je in je dagboek schrijft. Doe daar vooral waar je zin in hebt.

Medium en lezer

De realisatie dat je niet (alleen) voor jezelf schrijft lijkt een hele logische. Toch wordt het door schrijvers en tikkers wereldwijd (al heb ik dat laatste niet onderzocht) nogal eens vergeten. En zo ontstaan eindeloze discussies over tussenkopjes, bullets, intro’s en meer cosmetische handigheidjes. Omdat de woordkunstenaar zich – nog te vaak – beperkt tot kunstig zijn met woorden en dan vergeet rekening te houden met het medium en de lezer.

TIL

Laat ik dit benadrukken: ik raak niet per se opgewonden van tussenkopjes. Ik maak geen vreugdedansje bij het zien van een witregel. Maar ik weet wel een aantal zaken:

Mensen scannen teksten, voordat ze die teksten echt lezen

Vaak komen ze via een zoekmachine of link van een ander op je site terecht omdat iets in de titel van de pagina/het artikel, hen heeft getriggerd. Voordat ze de moeite erin steken om je hele verhaal te lezen, willen ze redelijk zeker weten dat ze die moeite niet voor niks gaan doen. Titels en tussenkopjes zijn dan de eerste zaken waar ze naar kijken. Dit zijn hulpmiddelen om snel te kunnen bepalen óf de informatie relevant is voor hen en wáár die informatie staat die voor hen interessant is (je artikelen worden door veel mensen niet eens helemaal gelezen…weet je dat ook weer).

Lezen via een computerscherm is lastiger dan van papier

Beeldschermen knipperen continu – zonder dat we het waarnemen – en dat zorgt ervoor dat we 25% langzamer lezen van een scherm. Als schrijver moet je de lezer dan ook een handje helpen, door informatie op een duidelijke en overzichtelijke manier te presenteren. En ja, dat geldt ook voor je kunstige proza. Want ook van kunstige proza wil je dat het gelezen wordt, waarom zou je het de lezer dan moeilijker maken? En waarom niet gewoon gemakkelijker?

Een gestructureerde opbouw, helpt bij gestructureerd denken

En hoewel proza dan misschien niet gestructureerd hoeft te zijn, geldt dat voor de meeste andere tekstvormen wel (jawel, ook brochures en brieven). Opsommingen, tussenkopjes, duidelijk afgebakende alinea’s vergroten de kans dat je denkproces ook gestructureerder verloopt. Dat je per alinea niet meer dan 1 issue bespreekt (anders dek je het niet gemakkelijk met dat tussenkopje), dat je je in de intro beperkt tot het belangrijkste deel en niet losgaat in allerlei irrelevante mooischrijverij. Fijn voor je lezer, maar ook erg fijn voor jezelf.

De gereedschapskist van de webschrijver

Tussenkopjes en dat soort zaken zijn geen harde regel. Want harde regels bestaan zelden, waar het gaat om menselijk gedrag. Een tussenkopje is een van de hulpmiddelen die je als publicist hebt om het consumeren van je tekst gemakkelijker te maken voor de mensen waarvan je wilt dat zij het lezen. En zoals ook bij andere tools, maak je – afhankelijk van de situatie – de keuze voor deze of een andere tool. Het doel: de bruikbaarheid van je tekst vergroten op het medium dat je gebruikt.

Nee, nee, nee, nee, nee: je kletst uit je nek!

Natuurlijk zijn er nu nee-zeggers. Misschien ben jij er eentje. Misschien wil je hieronder in de reacties wel roepen: “tsss, ik gebruik helemaal geen tussenkopjes en mijn teksten worden ook gewoon gelezen.” En weet je: ik geloof je!

De vraag die je jezelf moet stellen is: worden je teksten gelezen ondanks hun bruikbaarheid? Zouden je teksten meer worden gelezen áls ze bruikbaarder waren. En wees eerlijk, klik jij wel eens weg van een pagina, omdat de tekst die erop staat één grote lap is, die je zenuwachtig maakt om eraan te starten.

#winning

Wanneer ik mijn teksten goed schrijf, met oog voor inhoud, vorm en bruikbaarheid, help ik jou. En wanneer jij met gemak en plezier mijn tekst leest en er iets van opsteekt, blij van wordt of het een andere emotie bij je oproept, help jij mij. Tussenkopjes, zijn een win/win-situatie. En ik ben gek op winnen. Jij niet?

Denk je nog steeds dat de bruikbaarheid van teksten niet relevant is? Dan wens ik je succes met dit artikel!


7.186 keer gelezen Geschreven door