MenukaartNog geen tachtig jaar geleden vreesden conservatievelingen culturele vervlakking door de komst van de televisie. Op dezelfde manier kijken in de 21e eeuw veel mensen met wantrouwen naar social media. Eerst behoorde deze groep tot de ‘laggards’, daarna heetten ze ‘inactives’ en dit jaar krijgen we te maken met de ‘outsiders’. Op mijn werk behoor ik officieel tot de ‘creators’ en de ‘cheerleaders’. Maar na al dat gecategoriseer vraag ik me steeds vaker af: wat voor type gebruiker ben ik diep vanbinnen écht?

Verboden te klagen

Binnen mijn organisatie word ik vaak geconfronteerd met de scepticus die social media gewoonweg niet ziet zitten. De angst dat iemand online iets onaardigs over zijn organisatie zegt zit diep. Hij wil het controleren en redigeren, maar het liefst nog censureren of elimineren. Hij wil een gedragscode en een beleid. Hij vergeet dat social media in principe een online variant zijn van groepsdynamiek en relatievorming zoals die in real life functioneren. En in de kantine van je organisatie stop je ook niet bij elk tafeltje om te luisteren of iemand iets vervelends over je zegt. Je hangt ook geen bordje boven de saladebar met de tekst “Degene die klaagt over dit bedrijf wordt onmiddellijk uit de kantine verwijderd.”

Productentester

Nee, ik verdien mijn geld juist met het tegenovergestelde. Ik wandel met open ogen en oren door die kantine. Vang ik een nieuwtje op of kom ik klagers tegen, dan wil ik graag weten wat er aan de hand is. Ik vraag vriendelijk of ik er even bij mag komen zitten met mijn digitale kopje soep en probeer na de lunch iets met de ontvangen feedback te doen. Ook streef ik ernaar dagelijks op de hoogte te zijn van de producten die in de kantine worden aangeboden. Ik probeer alle nieuwe soepen en speciale broodjes uit en deel met mijn collega’s wat ik het lekkerst vind.

Hashtaghaast

Het bijhouden van al die nieuwe producten kost behoorlijk wat tijd en energie. Na de zoveelste ‘sandwich van de dag’ ben ik toe aan een break. Jaren geleden was het allemaal nog prima te doen; na het verspreiden van een email was er rust. Eén op één met iemand chatten was al heel hip. Tegenwoordig heb ik de mogelijkheid om online te communiceren met honderden @vreemden tegelijk en wijst de ene na de andere hashtag mij op nieuws op het gebied van social media, online communicatie of community building. Wil ik een beetje bijblijven, dan moet ik alles direct lezen. Of retweeten. Of verwerken in een blog.

Have a real break

Wordt Google+ het nieuwe Facebook? Dan moet ik daar wel even gaan kijken. Pinterest een visuele vorm van bookmarks delen? Toch eens ervaren hoe dat werkt. Maar door al dat proeven en proberen, vergelijken en testen, luisteren en kletsen, heb ik soms behoefte aan een échte pauze. Gewoon weer eens ouderwets lunchen. In mijn eentje aan een tafeltje zitten. Niet converseren of uitproberen. Dat ik die ene heftige discussie dan mis of die nieuwe vruchtenshake niet heb geproefd, kan me dan even niks schelen.

En dus…

Tot wat maakt mij dat? Een nine-to-five-creator? Een cheerleader zonder pompons? Doe ik mijn werk slechter dan diegenen die iedere ‘salade van de maand’ proeven en alle toetjes al hebben getest? Wie weet behoor ik zonder het te weten al wel tot de social media types die je in 2013 wilt vermijden. Dat kan zomaar gebeuren, elke maand wordt er wel ergens een nieuwe theorie of categorie gelanceerd. Ik heb besloten om me niet te veel aan te trekken van al die typologie. Trouw te blijven aan mijn eigen tempo en gedrag. Dan voorlopig maar geen dagelijkse +1-tjes op mijn profiel of Pin-it button op m’n website. Tenslotte is een zelfgesmeerde boterham van thuis bij tijd en wijle ook prima te eten.


Geschreven door