De beste ideeën krijg je onder de douche, op de fiets, tijdens het wandelen, tuinieren en de afwas. Hersenen hebben fysieke actie nodig om optimaal te functioneren – maar niet teveel actie.

Je kent ‘t vast wel: je zit achter je bureau en je zit vast. In je hoofd, tenminste. Je zit maar te broeden op dat ene woord, het ligt op het puntje van je tong. Op de eerste zin van een speech of email. Het lijkt verdomd veel op writer’s block; je bent ideeënloos. Dat geef je ‘t op. Even pauze. Je staat op – om naar de keuken of wc te gaan – en opeens schieten de woorden en ingevingen als kanonskogels door je hoofd. Toeval? Geluk? Geen van beide.

Erik Scherder

Om één of andere reden stimuleert beweging je hersenactiviteit. De bekende DWDD-deskundige, hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder, zegt al jaren: bewegen is goed voor de hersenen. Om zijn woorden kracht bij te zetten, klimt hij niet zelden op de tafel. We denken beter als we een fysieke activiteit leveren, als het maar niet te actief is. Hardlopen, spinning of intensief sporten wordt afgeraden. Deze vormen van beweging kosten in korte tijd veel energie, en je lichaam stelt dan prioriteiten. Energie wordt te kostbaar om aan denken te verspillen.

Intellectuele productiviteit

Het lijkt erop dat hersenen een duwtje in de rug nodig hebben. Ze vinden het prettig als er een klein motortje meedraait. Onder de douche (haren wassen, tandenpoetsen), tijdens een wandelingetje of de heg bijknippen. Een licht-intensieve activiteit, die je voor een groot deel op de automatische piloot uitvoert. Toch wordt het meeste denkwerk verricht achter een bureau en computer, zittend. Dat is qua werk, typen en locatie handig, maar voor intellectuele productiviteit desastreus.

Meditatie

Mensen verwarren meditatie nog steeds af en toe met dagdromen, filosoferen, of met een glas wijn ‘even lekker relaxen’. Meditatie ontspant je, maar doet dat niet door middel van dromen of denken, juist niet. Het gaat erom dat je je denkvermogen uitschakelt, zodat je alleen maar ‘bent’. Eén met je omgeving, één met de natuur, vanuit innerlijke rust. En dat klinkt makkelijker dan het is. Boeddhistische monniken doen dit niet voor niets in stilte, zittend, in een sobere omgeving, met zo weinig mogelijk beweging.

Als je dus het tegenovergestelde wilt bereiken, namelijk je denkkracht optimaal inzetten, zul je alles behalve de monnik moeten na-apen. Toch doet het overgrote deel van de Nederlandse kantoren precies dat. Iedereen op een stoel, met een voorgeschreven, ergonomisch verantwoorde zithouding, starend naar een scherm, in een veelal steriele omgeving. Weinig prikkelende kunst aan de muur. Misschien dat er een radiootje aanstaat, maar ook monniken gebruiken bij hun meditatie soms muziek.

Op school

Niet alleen kantoren, ook scholen zijn ingericht vanuit hetzelfde uitgangspunt. Leerlingen worden in karige lokalen gestopt, op een stoel geplant, moeten blijven zitten waar ze zitten, en zich vooral stilhouden. Een slechtere methode om te leren is nauwelijks denkbaar. Het kan niet anders dan dat de jonge hersentjes serieus in hun ontwikkeling worden geremd. Natuurlijk, er zijn kleine en grote pauzes, maar het gaat nu juist om de combinatie van bewegen en het opnemen van lesstof.

Een tsunami van scholieren en kantoorpersoneel

Eigenlijk zouden scholen en kantoren het precies andersom moeten aanpakken. Actieve lessen en banen, met pauzes waarin uitgerust/gemediteerd wordt. Als we dit in de praktijk willen veranderen – en die tijd komt, daar ben ik van overtuigd -, moet er een systeem worden bedacht waarbij geleerd en gewerkt wordt in beweging. Hoe dat eruit komt te zien? Een tsunami van scholieren en kantoorpersoneel die het land overspoelt? Leegstaande gebouwen die door mos en klimop worden omarmd? Overal wandelaars die iedere dag kilometers afleggen met notitieschriftjes en laptops in de hand?

Of gewoon met z’n allen onder de douche, dat is nog lekker warm ook.


Geschreven door