Met een pen over kunst heen krassen, dat klinkt als een recept voor een strafblad. En meestal is het dat ook. Maar in het Cooper Hewitt museum in New York is dat juist de bedoeling. Het museum ondergaat momenteel een grote verbouwing en vernieuwing en opent in december van dit jaar weer de deuren. Bezoekers kunnen dan met een digitale pen in de hand, hun eigen kunst toevoegen aan de collectie. En dat is gaaf.

De pen in kwestie is natuurlijk geen gewone pen, maar een stylus. Bezoekers krijgen die bij de ingang in de handen gedrukt en kunnen – al lopend door de expositie – de pen langs labels halen die bij de objecten staan. De stylus slaat dan informatie over de objecten op in het interne geheugen. Door de digitale pen bij tafels en schermen te houden die door het museum heen te vinden zijn, kunnen bezoekers meer informatie krijgen over de objecten die ze hebben gescand. Ook is het mogelijk op de objecten in te zoomen en van verschillende invalshoeken te bekijken.

Crowdsourced kunst

Kijken is niet het enige dat bezoekers kunnen met de kunst in Cooper Hewitt. De kunst die je als bezoeker opslaat,  kun je aanpassen en vernieuwen door met de digitale pen jouw eigen kunst er bij te tekenen. Teken je een vorm, dan herkent het systeem die vorm en lepelt alle kunstobjecten met die vorm op die het museum heeft. Maar dat is niet alles. Als bezoeker kun je je zelfgemaakte kunst meenemen naar de “immersion room”, een ruimte met digitale muren waar je de muren digitaal kunt laten bedekken met de muurversieringen die één van de kenmerken zijn van Cooper Hewitt en je eigen kunst er op projecten.

Later kun je online weer bij je eigen creaties, die je dan ook meteen kunt delen op al je favoriete sociale netwerken. Zie het filmpje hieronder voor een eerste blik op hoe het werkt.

 

Je maakt je eigen ervaring

Steeds meer musea helpen bezoekers bij het creëren van hun eigen ervaring. Zo kun je bij het Rijksmuseum ook al digitaal spelen met de collectie en kun je in het recent geopende September 11 Memorial Museum je eigen berichten toevoegen, die 30 seconden later op een muur worden geprojecteerd. Volgens de maker van die technologie is dat ook de meest gefotografeerde plek van het museum: “Je kunt grapjes maken over dat mensen alleen nog maar selfies maken, maar het is natuurlijk een fantastische manier voor het publiek om hun plek in het geheel vast te leggen,” aldus Jake Barton, oprichter van het  bedrijf achter zowel de technologie in Cooper Hewitt als in het September 11 Memorial Museum.

Uitdaging

De moderne museumganger leeft steeds meer in een wereld die hij zelf kan inrichten: op Twitter volgt hij alleen wie hij wil volgen. Op Facebook deelt hij met wie hij wil delen. Op Blendle snackt hij de berichten die hij wil lezen. En de behoefte aan de mogelijkheid om zelf controle te hebben neemt men ook mee naar musea. Aan de andere kant is de rol van de curator in een tijd waarin we overspoeld worden door informatie, steeds belangrijker. Musea cureren natuurlijk al jaren. Sterker nog, dat is de essentie van wat ze doen: selecteren, acquireren, bij elkaar brengen en van context voorzien. Maar lange tijd was dat eenrichtingsverkeer: het museum bepaalde, de bezoeker was toegestaan het – op gepaste afstand – te ervaren.

Dat laatste is aan het veranderen. En hoewel dat al een tijdje aan de gang is (denk aan musea, vaak vooral voor kinderen, waar je alles aan mag raken), zorgen digitale ontwikkelingen voor de next step voor een business die zo oud is als het collectieve geheugen van de mens. Niet langer mag je alleen kijken en eventueel een keer aanraken, je kunt nu ook creëren.  Het internet en de vlucht die technologie met de komst van het kanaal heeft genomen maakt van ons allemaal niet alleen een publishers, maar ook kunstenaars. En zo wordt ook kunst crowdsourced.

Of de archeologen van de verre toekomst daar nog wijs uit worden, moet dan blijken. Maar interessant is het wel.

Ga jij nog wel eens naar musea? En zo niet, zouden dit soort mogelijkheden je overhalen het weer eens te proberen?

 


Geschreven door