Printer Cartridges RecyclenEen printer kost geen drol meer. In een gemiddelde winkel kan je al een printertje aanschaffen voor een kleine €50,-. Leuk, zou je zeggen, totdat de inkt op is… Voor wie dacht dat olie vloeibaar goud was, die heeft zich flink vergist.

Marktstrategie

Meestal als je een printer koopt, zeg maar in 9 van de 10 gevallen – ik wil niet alle fabrikanten, importeurs en verkopers over één kam scheren – zit er een starters-cartridge in. Een starters-cartridge is niets anders dan een gedeeltelijk afgevulde cartridge, goed om het een aantal prints mee vol te houden, en leuk om even te testen. Zeg maar gerust dat er in een starters-cartridge vaak minder dan 10% zit dan de werkelijke capaciteit. Dat gewone cartridges ook niet volledig gevuld worden, daar kom ik later in dit blog – uitgebreid – op terug.

Dit is eigenlijk de truc, vergelijk het met scheermesjes. Als er een nieuw scheermesje op de markt komt, dan krijg je vaak een setje mesjes met houder voor dezelfde prijs als een setje mesjes los. Je krijgt de houder dus als het ware cadeau. Dit natuurlijk in de hoop dat als je de houder in huis hebt, en de mesjes gebruikt zijn en die je bevallen, dat je terugkomt om de mesjes te kopen. En aan deze mesjes wordt verdiend. Ditzelfde principe geldt dus ook voor de cartridges, de printer krijg je er dus eigenlijk bij cadeau. Niet helemaal natuurlijk, maar dit verklaart wel waarom de printers tegenwoordig tegen dumpprijs in de winkels liggen.

Wat is inkt?

Inkt is inkt, zou je zeggen, het komt uit je pen, je hebt het voor vulpennen, gelpennen en markers/stiften. Je kan er mee markeren, tatoeëren, schrijven, stempelen en natuurlijk printen. Niets is echter minder waar. Als ik de patenten mag geloven dan is er wel degelijk verschil. Niemand weet precies wat er in die inkten zit, althans niemand wil het zeggen. En dat terwijl we in de middeleeuwen inkt maakten van koolstof (houtskool) en water. Simpele Oost-Indische inkt heette dat. Inktmakers houden tegenwoordig hun recepturen en ingrediënten angstvallig geheim. Er is meer bekend over de receptuur van Coca Cola, dan over de inkt die in jouw printer gebruikt wordt.

Waarom dit is, is eenvoudig. Met inkt wordt geld verdiend. De truc met inkt is dat deze vloeibaar moet blijven in de cartridge en niet mag uitdrogen na een aantal dagen stilstaan in de computerkamer, huiskamer of op kantoor. Of hier nu een cv of gaskachel staat, of dat er airco wordt gebruikt of niet. Dus ongeacht de luchtvochtigheid en de condities, zodra jij op ‘printen’ drukt, moet het werken. Volgens de printerfabrikanten, vaak ook diegene die de inkten ontwikkelen, worden er miljoenen besteed aan het (door)ontwikkelen van deze inkten. Wellicht denk ik te nuchter, inkt is toch gewoon inkt? En als het ontwikkeld is, en het werkt, waarom dan moeilijk doen? Maak een printer met een reservoir, net als in een drukkerij, en verkoop de inkt per fles. Dit is niet alleen milieuvriendelijk, maar ook kosteneffectief. Helaas denken de fabrikanten hier anders over.

Vloeibaar goud

In een gemiddelde cartridge zit tussen de 3 en 4 ml inkt, dat is niet veel. Zeg maar gerust dat dit weinig is. Zeker als je je bedenkt dat er in zo’n cartridge toch zeker capaciteit is voor het viervoudige. En dan heb ik het nog niet eens over de restanten die achterblijven in de spons die in 90% van alle cartridges zit. Je mag er vanuit gaan dat van die 4 ml er maar 3 effectief gebruikt kunnen worden. en tóch betaal je voor die 4 ml. Afzetterij? Ik denk het wel.

Kijk maar even naar dit rekensommetje: In een cartridge zit 4 ml. geconcentreerde inkt. Een cartridge kost tussen de € 20,- en € 50.-, maar laten we voor het gemak even € 25,- nemen. Dit is de gemiddelde prijs voor een cartridge in een consumentenprinter van het bekende merk.

Dit zou dus betekenen dat een liter inkt 1000L / 4ml = 250 x € 25,- = € 6.250,- kost.

Precies, 1 liter inkt kost dus evenveel als 45 flessen Dom Perignon Prestige Cuvèe Champagne uit 2000, of ruim 189 gram goud (gebaseerd op de dagprijs van € 33,- per gram op 20 januari 2012).

Doe-Het-Zelf

Nu hoor ik al mensen denken “Ik ga echt niet zelf lopen knoeien met die flesjes en spuiten om een paar euro te besparen”. Dat hoeft gelukkig ook niet, er zijn gelukkig meer alternatieven om te besparen. Ik ga er hier een paar opnoemen, tezamen met een klein rekensommetje om te laten zien wat de daadwerkelijke besparing is.

Voordat ik ga beginnen wil ik wel eerst even een paar dingen rechtzetten. Voor een paar euro per cartridge minder, heb je vaak al een cartridge van een ‘huismerk’. In tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd gaat het hier maar zelden om inferieure inkt. Je hoort veel van die ‘broodje aap’-verhalen dat deze inkt na verloop van tijd compleet zou oplossen, waarna je een blanco pagina overhoudt. Dit is natuurlijk klinkklare onzin. Sterker nog, de makers van de alternatieve inkt zitten vaak zo dichtbij de echte inkten, qua receptuur, dat de echte inktmakers deze bedrijven aanklagen. Natuurlijk ben ik van mening dat ze hier het recht toe hebben, patenten zijn patenten, en hier hebben ze vaak miljoenen in gestoken. Het zijn dus geen patenttrollen, daar moet ik ook niets van hebben. Aan de andere kant vindt ik wel dat de grote inktmakers door de prijs/kwaliteitverhouding die ze nu hanteren natuurlijk een gigantisch gat in de markt hakken en deze profiteurs eigenlijk faciliteren. Een beetje een pot-verwijt-de-ketel verhaal. Als ze zelf die inkten goedkoper maken, dan krijgen de concurrenten het vanzelf benauwd.

Natuurlijk is het zo dat inkt verbleekt, en dat inkt na verloop van tijd steeds slechter wordt. Echter is het een grove misvatting dat dit bij de ‘huismerken’ eerder zou gebeuren dan bij andere inkten. Zoals ik al eerder heb aangegeven, “inkt is inkt”. Natuurlijk is de ene inkt de andere niet, maar de vervaging heeft meer te maken met het medium waarop je afdrukt dan waarmee je afdrukt. Foto’s op gewoon normaal 80-grams papier afdrukken is natuurlijk vragen om moeilijkheden. Fotopapier is hier voor gemaakt, en niet om de glossy afwerking. Fotopapier bevat een speciale laag die de inkt opneemt, en is over het algemeen afgewerkt met een UV-resistente laag waardoor foto’s langer meegaan dan op een gewoon velletje 80-grams (A4) papier.

Cartridges recyclen

Mocht je nu toch per sé de echte merken willen kopen omdat je mij niet vertrouwt op mijn woord dat de huismerken écht net zo goed zijn als de grote printerfabrikanten, dan wil ik toch iedereen oproepen om in ieder geval de oude cartridges niet bij het vuilnis te zetten. Is het niet voor het milieu – inktresten zijn eigenlijk chemisch afval – dan is het hopelijk omdat u, net als ik, Stichting AAP een warm hart toedraagt.

Stichting AAP die zich inzet om uitheemse ontheemde dieren te huisvestenkrijgt door de inzameling van gebruikte cartridges extra inkomsten om deze dieren een dak boven het hoofd te geven. Natuurlijk loont het de moeite niet om bij elke particulier een inzamelbox neer te zetten, maar scholen en bedrijven gooien deze nog massaal weg, terwijl het beter is om deze in te zamelen en zowel het milieu als Stichting AAP te helpen. Ieder bedrijf en school zou eigenlijk een dergelijke box moeten hebben. Deze zijn gratis (!) aan te vragen bij Stichting AAP, die deze gratis ophalen en een nieuwe inzamelbox neerzetten. Er zijn dus geen kosten aan verbonden, alleen een mentaliteitsverandering. Jij spaart hiermee het milieu én de dieren tegelijkertijd, kan het mooier?

De alternatieve cartridges

Alternatieve cartridges, ook wel huismerk-cartridges of b-merk cartridges genoemd zijn vaak een aantal euro’s goedkoper dan die van de gerenommeerde merken. Het zijn exact dezelfde cartridges als die van het originele merk, alleen hervuld in Vietnam of China, ingezameld in bijvoorbeeld die eerder genoemde boxen van Stichting AAP. Een origineel cartridge waar je al gauw € 25,- euro voor betaald is bij de alternatieve inktboer al gauw een euro of 8 goedkoper. Zo rond de € 16,- of € 17,-. Nog steeds niet goedkoop, maar aanzienlijk goedkoper. Ook hier wil ik weer benadrukken dat de inkt in deze huismerk-cartridges zeker niet inferieur of minderwaardig is aan de meeste grote a-merken. Je kan veel kwaliteit behalen met goed papier, en het juiste papier bij de juiste printopdracht.

Een gemiddelde consument verbruikt op jaarbasis 4 zwarte en 2 kleurencartridges. Op basis van deze gegevens zou de besparing in het ongunstigste geval ongeveer: 6 x € 5,- = € 30,- op jaarbasis zijn. In het gunstigste geval scheelt dit toch al 6 x € 10,- = € 60,- op jaarbasis. Toch leuk meegenomen, dat is toch al gauw weer een paar flessen wijn bij het avondeten, een paar leuke oorbellen of een leuk shirt van een a-merk.

Laten Navullen

Printer Inkt NavullingenIedere zichzelf respecterende gemeente heeft wel een (inkt)winkel met een navulstation. Ik weet er hier in Haarlem zo al een stuk of wat te zitten. Tegenwoordig kan het zelfs al bij de videotheek (geen grapje). Een navulling die door ervaren en redelijk goed geïnstrueerd personeel wordt gedaan kost zo tussen de € 5,- en € 15,- afhankelijk van de cartridge, de hoeveelheid inkt die er in gaat en de tijd die het kost om dit te doen. Toch is dit goedkoper dan een volledige cartridge van een huismerk kopen. Begrijp me niet verkeerd: de cartridge is niet anders, maar hij hoeft niet helemaal naar China of Vietnam op-en-neer, het gebeurt voor je neus. Dit is de eerste optie die ik oprecht ‘goedkoop’ durf te noemen in vergelijking tot de € 25,- waar ik van uit ben gegaan.

Een gemiddelde consument verbruikt op jaarbasis 4 zwarte en 2 kleurencartridges. Op basis van deze gegevens zou de besparing in het ongunstigste geval ongeveer: 6 x € 10,- = € 60,- op jaarbasis zijn. In het gunstigste geval scheelt dit toch al 6 x € 20,- = € 120,- op jaarbasis. Daar kun je toch een keer romantisch van uit eten, met het hele gezin naar de Efteling of een keer extra tanken.

Zelf Navullen

Zelf navullen vereist enige handigheid en gegarandeerd dat je de eerste keer onder de inkt zit en de keukentafel erbij (ik spreek uit ervaring). Echter is dit wel de meest kostenbesparende methode die er is. Een flesje inkt, per kleur, kost ongeveer € 12,-. Voor een volledige set van 4 kleuren, Zwart, Cyaan, Magenta en Geel (CYMK) betaal je zo rond de € 60,-. Natuurlijk, een investering, maar die haal je er al binnen een jaar uit. De rekensom om de besparing te meten is echter iets anders, sinds je bij de voorgaande opties te maken had met kant-en-klare oplossingen, en nu doe je een kleine investering.

Een gemiddelde consument verbruikt op jaarbasis 4 zwarte en 2 kleurencartridges. Op basis van deze gegevens zou de berekening als volgt worden: investering € 60,- voor 4 kleuren à 5 navullingen per flesje in het ongunstigste geval. Dit komt neer op  € 15,-  per flesje. € 15,- / 5 navullingen is € 3,- per navulling. Over het algemeen gaan er zelfs 10 navullingen uit een flesje en betaal je dus maar € 1,50 per navulling. Dit komt dus neer op een besparing van 6 x € 20,- = € 120,- in het ongunstigste geval (€5,- per navulling) en maar liefst 6x € 23,50 = € 141,- per jaar (bij een navulling van €1,50). Je hebt dus de investering van de navulset er dus al BINNEN een jaar uit.

Je moet bij de aanschaf van een navulset echter wél redelijk kunnen rekenen. Als je nagaat dat een cartridge dus niet 4 ml maar wel 10 ml kan bevatten, dan kan er uit een flesje van 50 ml dus 5x vullen, een flesje van 100 ml 10x en zo verder. Dit bepaalt uiteindelijk de prijs per navulling. Een ander bijkomend voordeel is dat je kunt bijvullen PER KLEUR. Je hoeft dus niet steeds als je geel leeg is de hele cartridge te vervangen. Dan vul je alléén de gele even bij. Zo simpel kan het zijn. En dit is de allergoedkoopste manier om het te doen. Maar zoals eerder gezegd: enige handigheid is vereist, evenals een goedkoop weggooi-tafelkleed (of een stapel oude kranten).

Conclusie

Het loont tegenwoordig bijna – als de inkt op is – niet de cartridges maar de gehele printer te vervangen. Of je nu € 50,- moet betalen om 2 cartridges te vervangen – en dan ga ik uit van een printer die er maar 2 heeft en niet meerdere (per kleur) – óf je kan voor hetzelfde geld een complete printer kopen, inclusief – wederom – een paar slecht gevulde cartridges. Loont het dan nog de moeite om die dure cartridges te gaan kopen? Nee, en wel om 3 redenen:

  1. Het is ontzettend slecht voor het milieu om elke keer na gebruik een cartridge weg te gooien en een nieuwe te kopen. Eigenlijk moeten inktresten chemisch verwerkt worden, recyclen is daarom het devies. Stichting AAP biedt daarom voor bedrijven en scholen gratis van die mooie boxen aan waar je bovendien deze stichting een hart mee onder de riem kan steken mocht je per sé van je cartridge af willen.
  2. Het scheelt aanzienlijk in de kosten om lege cartridges te hergebruiken, hervullen of om huismerken te kopen. Het kan soms ettelijke tientallen euro’s schelen.
  3. Wellicht dwingen we hier, indirect, de grote bedrijven mee om met een goedkoper, milieuvriendelijker en bovenal efficiënter systeem te komen.
Navullen is dus wel degelijk besparen, zowel voor de portemonnee als het milieu. En voor de kwaliteit hoef je het niet te laten, daar is al veel over geschreven en die is goed. Dus wees geen dief van je eigen bankrekening, en kijk eens verder dan de pinokkio-neus van de grote fabrikanten lang is.

Zelf heb ik een laserprinter, voor mij gaat het bovenstaande niet helemaal op. Niet helemaal want ook voor toners zijn er alternatieven, maar daar is het kwaliteitsverschil wél dusdanig – 2 defecte fusers in 1 jaar – dat ik mij toch maar even bij de originelen houdt. Maar ook hier verwacht ik dat in de nabije toekomst wel degelijk winst te behalen valt. En dan bedoel ik niet alleen in mijn portemonnee, maar ook op het gebied van milieu.

0 Shares:
2 comments
  1. Erg leuk en goed geschreven artikel. Dezelfde conclusies waren ook gemaakt door De Rekenkamer (afl. 18 mrt). In de voorbeelden die je aandraagt ga je er altijd vanuit dat de cartridge inclusief printkop is. Dat wil zeggen dat er een een stukje technologie in de cartridge is ingebouwd die de inkt aan de printer geeft. Dat is de laatste jaren steeds minder het geval.

    Alle cartridges van Epson, Brother, de meeste van Canon en de nieuwere van HP zijn zonder de printkop. Het stukje technologie zit dan in de printer zelf. Deze cartridges zijn ten eerste in aanschaf veel goedkoper (+/- 7 ml kost meestal rond de 10 euro) en in veel gevallen niet meer te vullen zonder lekkage of werkend te krijgen omdat de chip niet meer te resetten valt. Het hele stuk van navullen of het aanschaffen van huismerk cartridges gaat dan niet meer op.

    In de printwereld gaat de regel op, hoe duurder de printer in aanschaf, des te voordeliger kun je printen. Sommige Canon printers printen al met druppeltjes van 1 pecaliter. Deze druppels zijn zo klein dat je met 1 liter wel 10 keer om de wereld kunt gaan als je ze achter elkaar zet.
    Zoals de Canon Pixma MG5350. De pigment cartridge die hier in gaat (PGI-525) kost origineel € 11,00 en je kan er 1100 pagina's mee printen.

    Dat is ruim meer dan een gemiddelde consument per jaar print, en ook stukken goedkoper dan de voorbeelden die je hebt aangehaald. Zeker als je er rekening mee houdt dat de huismerk cartridges € 6,00 per stuk kosten.

    1. Ik kijk zelden of nooit TV, dus die aflevering ken ik niet, maar ik zal eens gaan kijken, wel grappig dat meerdere mensen onafhankelijk tot (min of meer) dezelfde conclusies komen. Tenminste, als ik dat zo uit jouw verhaal op kan maken.

      Wat ik verder begreep is dat er zelfs voor het resetten van Chips al oplossingen zijn, of in ieder geval methodes om dit ongemak tot een minimum te beperken. Dus die vlieger gaat niet in alle gevallen op.

      Maar goed, ik ben het in grote lijnen met je eens. En of het waar is dat hoe duurder de printer, des te goedkoper je kan printen, dat kan ik niet testen. Dan moet ik een behoorlijk aantal printers aanschaffen en de kosten per pagina uitrekenen aan de hand van het aantal te printen standaardpagina's met dezelfde hoeveelheid inkt. En dat is voor en blogger een bijna onmogelijke taak.

Comments are closed.

Dit artikel is 8.280 keer gelezen