Na veel zweten en zwoegen is je nieuwe blogpost eindelijk klaar. Je hebt de tekst drie keer doorgelezen en de laatste spelfouten zijn eruit, de layout is ok en je drukt op publish om de wereld te verblijden met dat nieuwe stukje proza. Vervolgens ga je al je netwerken updaten over het feit dat je weer een blogpost gepubliceerd hebt. Je gooit er wat tweets uit, schrijft een kort stukje op LinkedIn, post op Facebook en Google+ en dan ga je achteruit zitten en kijkt naar je live stats. Maar welke van de door jou gebruikte social media is nou echt effectief?

Om te kunnen zien welk social medium de meeste bezoekers genereert kun je gebruik maken van tags. Door het toevoegen van tags aan de links die je op twitter of Facebook publiceert, kun je later in je site-statistieken precies zien waar alle verkeer vandaan komt. Je post dus op elk medium een link met andere tags. Je hebt verschillende tags die door de meeste sites die jouw bezoekersstatistieken bijhouden herkend worden. Zelf maak ik gebruik van Google Analytics en Woopra en die zal ik in de voorbeelden gebruiken.

Er zijn verschillende gestandaardiseerde tags, die je naar eigen inzicht kunt gebruiken maar waar normaal gesproken de volgende omschrijving voor geldt:

  • Source: Domeinnaam van de verwijzende bron (site) bijvoorbeeld Google, Citysearch, Newsletter4.
  • Medium: Het medium via welk de bezoekers naar jouw site kwamen, bijvoorbeeld banner, email, Facebook, twitter.
  • Keyword: Meestal gebruikt voor Google Ads-advertenties en hun keywords
  • Ad Content: Specifiek verschil maken tussen verschillende Google Ads middels bijvoorbeeld de eerste regel tekst van die advertentie
  • Campaign: De naam van de campaign, meestal gebruikt voor promo codes, slogans, etc.

Door enkele of alle van bovenstaande tags aan de URL die je publiceert toe te voegen, kun je straks in je statistieken zien via welk social medium jouw bezoekers kwamen. Ter verduidelijking, je wijzigt dus niks aan de URL van de post op je blog, die tags voeg je alleen toe aan de URL die je op andere media publiceert. Een link aangevuld met tags ziet er bijvoorbeeld zo uit:

http://www.gabesvirtualworld.com/thoughts-on-vmware-mobile-virtualization-platform/?
utm_source=S_Tweakers&utm_medium=M_Tweakers&utm_term=
T_Tweakers&utm_content=C_Tweakers&utm_campaign=N_Tweakers

(Voor leesbaarheid opgebroken in een aantal regels)

Het eerste deel van de link is de normale url, (http://www.gabesvirtualworld.com/thoughts-on-vmware-mobile-virtualization-platform/ ) gevolgd door een vraagteken en dan de verschillende tags: utm_source, utm_medium, utm_term, utm_content, utm_campaign.

Google Analytics URL Builder

Deze URL kun je zelf samenstellen door de tags handmatig aan te passen, maar er is ook een handige tool voor, genaamd de Google Analytics URL Builder. Dit is een eenvoudige en snelle manier om een URL met tags te genereren. Om mijzelf meer feeling te geven met het gebruik van tags, heb ik tijdens een discussie op Tweakers.net, een link naar een blogpost van mij gepost met daarin ‘Tweakers’ in alle tags inclusief een letter aan het begin van het woord (zie tabel verderop) om te kunnen achterhalen welke tags nu wel en niet zichtbaar zijn binnen Google Analytics en Woopra, dit hielp om snel een beetje feeling te krijgen.

Als je de velden ingevuld hebt in de URL Builder, inclusief de originele URL van jouw blogpost, druk je op “Generate URL” en je krijgt de nieuwe URL voorzien van tags. Dit is dan de URL die je gebruikt om op een social media van jouw keuze te posten. Per social media genereer je dus een andere URL.

Tip: Verwijs naar specifiek jouw blogpost en niet naar jouw blog URL.

Resultaten bekijken

Om in Google Analytics je resultaten te bekijken ga je naar je Google Analytics pagina en vervolgens klik je aan de linkerkant op “Traffic Sources” en dan “Campaigns”. De view die je nu krijgt laat standaard de “Campaign” tag zien. Op de Google Analytics URL Builder is dit het “Campaign Name”-veld en in mijn voorbeeld heeft die tag de waarde “N_Tweakers”.

Wanneer je nu op het pijltje achter “Campaign” klikt, krijg je de andere tags te zien waarbij niet alles exact het zelfde heet als op de Google Analytics URL Builder pagina. Ook in Woopra heet het net even anders, bovendien heb ik gemerkt dat Woopra wat steekjes laat vallen. Daarom onderstaand overzicht met als laatst kolom een referentie naar mijn voorbeeld URL:

http://www.gabesvirtualworld.com/thoughts-on-vmware-mobile-virtualization-platform/? utm_source=S_Tweakers&utm_medium=M_Tweakers&utm_term=T_Tweakers &utm_content=C_Tweakers&utm_campaign=N_Tweakers

(Voor leesbaarheid opgebroken in een aantal regels)

Analytics URL Builder Google Analytics Woopra Voorbeeld
Source Source Lijkt niet te werken S_Tweakers
Medium Medium Campaign Medium M_Tweakers
Term Keyword Lijkt niet te werken T_Tweakers
Content Ad Content Campaign Content C_Tweakers
Campaign Name Campaing Campaign Name N_Tweakers

Je kunt twee van die tags tegelijk bekijken (rood omcirkeld in afbeelding) zodat je nog kunt filteren. Bijvoorbeeld je gebruikt de Medium tag om aan te geven of het Facebook, Linkedin, twitter, etc is waar jouw bezoekers vandaan komen. Vervolgens heb je verschillende ‘Campaigns’. Nu kun je dus per Campaign zien hoeveel bezoekers je via Facebook, Linkedin, twitter, etc krijgt door het eerste rood omcirkelde veld op “Campaign” in te stellen en het tweede rood omcirkelde veld op “Medium”. Maar je kunt ook van alle Campaigns opgeteld zien welk Medium de meeste bezoekers trekt door Medium in het eerst rood omcirkelde veld te kiezen.

Inkorten URLs

Nu je weet hoe je met de tags moet omgaan en je een URL kunt genereren, is er nog een laatste stap die ik meestal toepas: URL shortener. Zo’n lange URL is meestal niet handig en daarom kopieer ik de URL die ik van de Analytics URL Builder krijg, eerst even naar mijn favoriete URL shortener: Bit.ly. Deze URLs die je er dan uitkrijgt zijn makelijker te gebruiken bij het posten op de verschillende media.

Nog een laatste puntje van advies voor je aan de slag gaat: Houd voor jezelf een lijstje bij wanneer je welke tag gebruikt en hoe je je campaigns noemt. Ik heb gemerkt dat het soms moeilijk is om consequent op dezelfde  manier de tags te gebruiken.

Eigen ervaringen

Door gebruik van deze methode heb ik gemerkt dat qua social media bronnen, twitter mijn grootste bron van bezoekers is met zo’n 85%. Facebook postings zorgen voor een goede tweede plaats met 8% en verrassend vond ik dat LinkedIn voor mij heel laag scoort met slechts 1% en Google+ nu al goed is voor zo’n 5% van de bezoekers die via social media binnenkomen. Interessant gegeven, omdat ik dacht dat net LinkedIn voor meer bezoekers zou zorgen daar ik toch vooral zakelijke connecties heb die mijn doelgroep zijn. Tijd om de strategie aan te passen?

0 Shares:
5 comments
  1. Erg interessant om te lezen, ik ga dit eens proberen met mijn eigen site en de hockeyclub die ik als webmaster beheer. Eens zien of we daardoor een beter beeld kunnen krijgen.

  2. Dat is natuurlijk wel allemaal leuk en aardig… maar weet je wat bezoekers genereert? Weet je wat nu echt werkt? Goede content en regelmaat. Een afwisseling tussen verschillende soorten artikelen. Diepgaande artikelen afwisselen met korte tips.

    En de meeste hits bij mij komen van google.com. Dat doet het beter dan welk social media kanaal dan ook.

    1. Dat klopt, maar dat is stap 1. Als je dat eenmaal hebt (en blijft hebben) moet je finetunen. Door dat te doen zorg je ervoor dat je 1. soms doelgroepen ontdekt die je nog niet kende en 2. je content nog beter bij hen of al bekende doelgroepen kan laten aansluiten  

      Dan een vraag: wat doe jij met die info: dat de meeste hits van Google komen?

      1. Het beste wat jij kunt doen is uitzoeken welke sleutelwoorden er gebruikt zijn om op je website terecht te komen. Op basis daarvan kun je redelijk bepalen waar de interesse ligt en over die onderwerpen extra artikelen schrijven.

        Daarnaast kijk ik bijvoorbeeld wel naar trends qua dagen en tijden waarop je het beste artikelen kunt plaatsen. Ik merk dat ik de meeste clickthroughs heb op twitter en G+ als ik rond 14:00 / 15:00 een artikel plaats. En qua dagen dinsdag tot en met donderdag. Ook die informatie gebruik ik voor het publiceren van mijn artikelen.

        Kijk de informatie die hier boven gedeelt wordt is natuurlijk leuk, maar uiteindelijk zegt het niet veel. X % van je lezers komen via twitter. En nu? Wat doe je daar mee? Dat is wat ik bedoel. Je zult op basis daarvan moeten bepalen welke tijden / dagen en onderwerpen het meest interessant zijn en daar je strategie op moeten bepalen.

        Het klinkt erg zwaar, maar het zijn dingen die na verloop van tijd weinig tijd kosten en veel op kan leveren.

    2. Inzicht is wel belangrijk om sturing te geven Duncan :-)

      Bovendien moet je niet vergeten dat je beter in de organische resultaten van Google komt door oa die sociale activiteiten en prestaties. Dat aandeel wordt steeds belangrijker en groter.

      Zo heb ik pas nog met enkele Amerikaanse coleggae een onderzoek gedaan naar de invloed van clicks en queries op de SERP. Bleek, ondanks dat Google zegt dat die invloed er niet is, enkele posities te schelen! 

      Dus zelfs al zou de sociale activiteit meetbaar niets opleveren helpt deze wel de volgens jou belangrijke hits vanuit Google te vergroten.

Comments are closed.

Dit artikel is 4.470 keer gelezen